Deel

Aantekeningen


Treffers 1201 tm 1247 van 1247

      «Vorige «1 ... 21 22 23 24 25

   Aantekeningen   Verbonden met 
1201 Broer Jan huwt haar schoonzus (de zus van Jan van der Hoeven), die ook al Alida Josina heet. Alida Jozina ZWARTENDIJK
 
1202 ‘Jo’ Zwartendijk bezocht na de meisjes-HBS twee jaar lang de Ecole du Louvre in Parijs, waarna zij een aanstelling kreeg bij het museum Boymans te Rotterdam.

In haar verdere carrière nam Jo een prominente plaats in temidden van de Rotterdamse kunstwereld, met name als bestuurslid van de Kunstkring. Zestien jaar lang schreef zij kritieken op kunstgebied voor de NRC. Daarbij spaarde zij niemand; al gauw werd zij gevreesd om haar scherpe pen. Toch schijnt zij in het dagelijks leven een vredelievend en warm mens te zijn geweest. Zij was tevens lid van de Soroptimistenclub te Rotterdam had zitting in tal van vrouwencomités. Volgens haar necrograaf in Elseviers Maandblad was zij tegen het eind van haar korte leven somber, vooral als gevolg van de ontwikkelingen in Europa.

Haar eigen kunstproductie beperkte zich tot een enkele roman, De overlaat (1927). 
Alida Jozina ZWARTENDIJK
 
1203 Kind thuis gedoopt; getuige: Michaël Zwartendijk Arent Michaël ZWARTENDIJK
 
1204 Rem. kerk Cornelia Elizabeth ZWARTENDIJK
 
1205 Rem. kerk Dirck ZWARTENDIJK
 
1206 Van zijn moeder erft Dirck samen met zijn broers onder meer de helft van de (nog bestaande) hofstede Kruidenburg in Zwammerdam. Met de eigenaar van de andere helft, tante Hillegonda van Wieringen en haar echtgenoot dominee Wilhelmus Lomanus, regelt hij in 1717 dat hij met deze hofstede mag doen wat hij wil; hij betaalt het echtpaar daarvoor 69 gulden per jaar. Bij verkoop moet hij Lomanus c.s. 2300 gulden uitkeren. Het perceel is op dat moement dus 4600 gulden waard.

Op 17 oktober 1724 verkopen de Staten van Holland een aantal percelen land, waaronder de ambachtsheerlijkheid Indijk, onder Woerden. Dirck koopt het ambacht voor 3200 gulden en mag zich nu ‘heer van de Indijk’ noemen. Bij die koop horen allerlei rechten (alleen over de veren en over de wind heeft de eigenaar niks te zeggen), waaronder het recht officieren, burgemeesters, kerkmeesters en dergelijke bobo’s te benoemen. De baljuw blijft verantwoordelijk voor de aanstelling van de schout.

De grondeigendom is eeuwigdurend; vandaar dat het telkens geërfd wordt door andere Zwartendijkjes. In feite heeft deze familie het een kleine eeuw lang voor het zeggen in dit gebied, tot Gijsbert Leonard de Indijk in 1810 verkoopt aan Adriaan van Beusichem, heer van Harmelen. In 1732 wordt Dirck ook nog ‘heemraad van Snel’ genoemd in een akte (Not Arch Woerden inv 8620, dd 20-10-1732). Dirck woont rond die tijd (1730) in een huis op de hoek van de Hoge Woerd in Woerden, aan de noordzijde van de Haverstraat.

Later koopt Dirck nog diverse terreinen erbij, waaronder een perceel van 26 morgen van de erven Arnold Kamerik aan de Snelle, bij de grens met Polanen. Eerder al kocht hij het huis aan de Haverstraat bij de Hoge Woerd, tussen het erf van het Grootwaterschap en de Molenstraat voor ƒ 2422,-. Een maand later komt daar een huis aan de zelfde straat bij op de hoek van de Kerkstraat (kosten: 1030 gulden). 
Dirck ZWARTENDIJK
 
1207 Woonde eerst te Waarder (waarschijnlijk op de Zwarte Dijk), later te Woerden. Daar verkoopt hij in november 1675 het perceel van een voormalige tegelbakkerij in Honthorst aan Cornelis Jansz Plompert. Eerder had hij het aan dezelfde man verhuurd. Het jaar daarop volgt de verkoop van een windmolen c.a. op de Stadswal aan Johan van Helmond voor 2000 gulden.

Het is na die verkopen niet verbazingwekkend dat Dirk in 1674 een vermogen blijkt te bezitten van 10 duizend gulden, en recht heeft op 4000 gulden uit de boedel van zijn moeder. Helaas zijn wel al zijn woningen en de tegelbakkerij in het rampjaar 1672 afgebrand, net als zijn hofstede in Breeveld.

Het terrein van de tegelbakkerij komt in 1677 in handen van Albert van Wieringen. 
Dirk ZWARTENDIJK, Pietersz
 
1208 Woont bij haar huwelijk aan de Hogelantsche Kerckgracht. Engelina ZWARTENDIJK
 
1209 De overlijdensdatum (bron: Ned. Patr.) lijkt niet juist. In een akte (Not Arch Woerden, inv nr 8676, dd 6-12-1749) wordt zij al in februari 1749 als ‘overleden’ aangemerkt.

Als weduwe koopt zij in december 1733 een huis aan de Haverstraat, nabij de Benthemerstraat, voor 650 gulden. Dat verkoopt ze ruim twee jaar later met 200 gulden winst aan Aart van der Hout. 
Geertruid ZWARTENDIJK
 
1210 Rem kerk Geertruid ZWARTENDIJK
 
1211 Bij zijn huwelijk wordt Gijsbert genoemd ‘van Woerden, wondende op de Tueshoven[?? lastig leesbaar]’. Samen met zijn broers Dirk en Leendert en zijn zus Geertruid koopt Gijsbert een pand met drie huisjes aan de Oudelandsedijk, buiten de Rietlanderpoort in Woerden voor 260 gulden.

Op zijn overlijden verschenen in Hoorn maar liefst drie rouwdichten in druk, waaronder een van B. Kok, die zich zijn neef noemt.

Het is niet duidelijk of hij ook de Gijsbert Swartendijk is die in 1698 beroepen wordt in Amsterdam. Daarover bevindt zich in de handschriftencollectie van de Remonstranten (in de UB Amsterdam) een verzameling documenten (nr. 647). 
Gijsbert ZWARTENDIJK
 
1212 Getuigen: Engelina Marthens en Jacob Marthens Gijsbert ZWARTENDIJK
 
1213 Heer van Indijk, Achttienhoven en Den Bosch. Schout van de Indijk, capitein van de burgerij te Woerden. Van zijn vader erft hij naast de hofstede Kruidenburg, de ambachtsheerlijkheid Indijk; na zijn dood valt het gebied toe aan zijn neef Gijsbert Leonard, die helaas nog minderjarig is.

Op 29 augustus 1743 promoveert Gijsbert - enkele dagen voor zijn broer Leonard - aan de Universiteit van Utrecht tot meester in de beide rechten met de dissertatie ‘De Fideicommissio universali’; promotor is professor Voorda. Vanaf 1751 tot aan zijn dood oefent Gijsbert een hele reeks functies uit. Naast schout van de Indijk is hij secretaris van diverse kleine gerechten (Lage Nieuwkoop, Portengen, Gerverskop, Gieltjesdorp en nog enkele) en griffier der lenen van het huis Klein Poelgeest. Hij is tevens notaris van de Hoven van Holland en Utrecht.

Tijdens zijn leven schaft Gijsbert flink wat onroerend goed aan. In 1779 bijvoorbeeld een pand met drie woningen aan de Hoge Woerd voor ƒ 350,-

Zijn boedel wordt in 1795 verdeeld in drie gelijke delen: (1) dr. Willem Griffioen te Gouda, (2) Johanna en Pieter Klinkhamer-Zwartendijk, Gijsbert en Helena Versteeg-Zwartendijk, Gilles en Maria Sophia Schuitdewijs-Zwartendijk, (3) Adriaan Zwartendijk, Gijsbert en Alida Josina van Leeuwen-Zwartendijk.

Vlak na zijn overlijden verkopen zijn erfgenamen een fors deel van zijn onroerend goed, waaronder het land dat Gijsberts moeder Johanna Griffioen aanschafte als weduwe. Een huis aan de Haverstraat met een prieel en menagerieën – gelegen tussen de Hoge Woerd, het pand van het Grootwaterschap, de Haverstraat en de Molenstraat – gaat naar de gerefomeerde kerk voor ƒ 2950,-. Een hofstede met maar liefst 29 morgen land gaat naar Dirk Verhaar, het bedrag wordt helaas niet genoemd. De wel beschreven bedragen belopen een totaal van bijna 12 duizend gulden. 
Mr. Gijsbert ZWARTENDIJK
 
1214 in de Grote Kerk, op het Koor, 6 gulden Gijsbert ZWARTENDIJK
 
1215 rem. Get: Geertruid Zwartendijk en Geertruid van Wieringen. Gijsbert ZWARTENDIJK
 
1216 Huwt zijn volle nicht. Na het overlijden van zijn neef Gijsbert (2 februari 1795, de volle neef van zijn grootvader Abraham) erft hij als zesjarige het ambacht Indijk onder Woerden. Voor die tijd hebben zijn familieleden al zes percelen ‘hout- en bouwgrond’ uit de erfenis verkocht voor ruim 5000 gulden. Gijsbert Leonard ZWARTENDIJK
 
1217 Huwt zijn volle nicht; ook zijn ouders waren neef en nicht. Gijsbert Leonard ZWARTENDIJK
 
1218 In zijn overlijdensberichtje (via CBG) wordt Gijsbert omschreven als groot burger van Rotterdam: ‘voor gezondheidskoloniën, voor lichamelijjke opvoeding, voor liefdadigheid, maar bovenal voor de ziekelijke en misdeelde kinderen heeft hij buitengewoon veel goeds verricht, zoodat zijn naam in dankbare nagedachtenis zal blijven.’ Gijsbert Leonard ZWARTENDIJK
 
1219 Remonstrantse kerk Gijsbert Leonard ZWARTENDIJK
 
1220 Rem. Kerk Helena ZWARTENDIJK
 
1221 Thuis gedoopt; getuigen Pieter Zwartendijk (broer) en J.J. Klinkhamer Helena Kristina ZWARTENDIJK
 
1222 De fabriek/winkel van de ‘Gebroeders Zwartendijk’ bevond zich aan de Middensteiger 26-28, Rotterdam. In de trouwakte van Johanna Zwartendijk en J.H. Plantenga wordt ook broer Gijsbert Leonard omschreven als tabaksfabrikant. Dat kan kloppen, want in 1908 schrijft Gijsbert een 20 pp tellend boekje over het eeuwfeest van de tabaksfabriek (‘Een honderdjarige’, uitgave voor rekening van de schrijver, aanwezig in de Rotterdamse Bibliotheek).

In Jans overlijdensadvertentie is de overledene overigens ‘eenigst firmant’.

De tabaksfabriek van Zwartendijk werd later overgenomen door Van Rossem 
Jan ZWARTENDIJK
 
1223 Firmant in de firma Gebr. Zwartendijk te Rotterdam Jan ZWARTENDIJK
 
1224 Grote kerk, klasse 30 gulden; 54 jaar (sic!) Johanna ZWARTENDIJK
 
1225 Rem. Kerk Johanna ZWARTENDIJK
 
1226 Zuster van Petronella, de eerste vrouw van Jan Hendrik. Johanna ZWARTENDIJK
 
1227 Rem. kerk Laura Adriana ZWARTENDIJK
 
1228 Buurkerk Laurens Michiel ZWARTENDIJK
 
1229 Rem. kerk Laurens Michiel ZWARTENDIJK
 
1230 Groote Kerk in eigen graf Mr. Leonard ZWARTENDIJK
 
1231 Heer en secretaris van Indijk, Achttienhoven en Den Bosch. Secretaris van het kapittel van Sinte Marie. Promoveert op 3 spetember 1743 bij prof. Voorda aan de Universiteit van Utrecht tot meester in de rechten met de dissertatie ‘De Societate’. Luttele dagen daarvoor was zijn broer Gijsbert aan de beurt.

Naast de lucratieve functies is Leonard ook gewoon advocaat van het Hof van Utrecht. 
Leonard ZWARTENDIJK
 
1232 Hoofdman van het Rotterdamse wijnkopersgilde in 1721.

Voor de zilveren bruiloft van Leonard en zijn Kornelia schreef de populaire Rotterdamse dichter Dirk Smits een bruiloftszang, waaruit blijkt dat de twee nog in goede gezondheid samenleefden. Ook is duidelijk dat Alida hun enige dochter is gebleven.

Overleden in zijn woonhuis aan de Wijhaven bij de Kleine Wijnbrugsteeg. 
Mr. Leonard ZWARTENDIJK
 
1233 Rem. kerk Mr. Leonard ZWARTENDIJK
 
1234 Buurkerk Maria ZWARTENDIJK
 
1235 Nog niet bevestigd of Sophia inderdaad een dochter is van deze Pieter (er zijn er meer), maar wel heel waarschijnlijk. Maria Sophia ZWARTENDIJK
 
1236 Rem. Mattheus ZWARTENDIJK
 
1237 Buurkerk Michael ZWARTENDIJK
 
1238 Michael is tientallen jaren predikant van de remonstrantse gemeenschap in Utrecht, van november 1737 tot december 1782 - vrijwel gelijktijdig met de uit Waddinxveen komende Willem Schuyt. Voor die tijd predikte hij in Den Briel (aug. 1732-1738). Woont in 1743 (en in 1747, als hij zijn testament maakt) aan de Nieuwegracht bij de Wittevrouwenbrug. Abraham Welsingh, lakenfabrikant en zakenpartner van neef Adriaan, is zijn executeur-testamentair.

Samen met zijn broers Pieter en Abraham had Michaël flink wat geërfd van ene Maria de Gaai (volgens haar testament dd 18-11-1754 voor notaris Hendrik Haller in Delft; zij overleed op 23 augustus 1759 te Delft).

Na de dood van zijn vrouw legt Michaël een testament vast. Daarbij krijgt schoonmoeder Agneta van Wylick de lijftocht van al zijn bezittingen. Na haar dood wordt zijn bezit gelijkelijk verdeeld over broers Pieter en Abraham, zuster Engeltje, zwager Jan Marthens en schoonzuster Agneta. Het deel van Jan Marthens gaat na diens dood over op Jacob Marthens. Apart vermeld worden zijn bibliotheek, die naar ds. Pieter Zwartendijk te Zwammerdam gaat, en de luiermand die naar Pieters vrouw Jacoba gaat.

In april 1744 koopt Michael een hof van 100 roeden groot, met een ‘speelhuisje’ aan de Bisschopstraat buiten de Wittevrouwenpoort (Utrecht). Hij bezit tevens de buitenplaats Hoogenburg bij Zwammerdam, die na zijn dood in handen komt van de remonstrantse predikant jan Konijnenburg. 
Michael ZWARTENDIJK
 
1239 remonstrants Michael ZWARTENDIJK
 
1240 De grote rol van de familie Zwartendijk in onze familiegeschiedenis wordt ten overvloede gedemonstreerd door de huwelijken van de twee zusters Petronella en Johanna met mijn overgrootvader Plantenga (na elkaar natuurlijk, dat wel). Remonstrantse huwelijkskandidaten waren zelfs in deze tijd nog dun gezaaid. Petronella ZWARTENDIJK
 
1241 O. Rijstuin 13 Petronella ZWARTENDIJK
 
1242 Op 24 mei 1669 sluiten Pieter en Engeltje huwelijkse voorwaarden. Als Pieter sterft, krijgt zijn vrouw 3000 gulden. Als Engeltje eerst overlijdt, krijgt Pieter 2000 gulden. Mr. Pieter ZWARTENDIJK
 
1243 volgens familieaantekening Mr. Pieter ZWARTENDIJK
 
1244 Vrouw Engeltjen genoemd als weduwe. Mr. Pieter ZWARTENDIJK
 
1245 ‘Piet’. Firmant in de firma Gebr. Zwartendijk Pieter Anthonie ZWARTENDIJK
 
1246 Rem kerk Willem ZWARTENDIJK
 
1247 Dochter van Willem ‘t Hoen, burgemeester van Woerden Anna ‘T HOEN
 

      «Vorige «1 ... 21 22 23 24 25